Deze tekst werd op 18 mei 2021 voor het eerst gepubliceerd op www.primaonderwijs.nl

Door Manon Arts, specialist talentontwikkeling & implementatie bij Authentalent

Vlak nadat het vorige artikel van Manon Arts gepubliceerd werd, initieerde minister Slob het Nationaal Programma Onderwijs. Het programma is erop gericht om alle scholen en leerlingen in Nederland te helpen de kennisachterstand die door de coronacrisis is ontstaan in te halen. Daarnaast is het vrijgemaakte budget bedoeld voor middelen die leerlingen en leerkrachten op sociaal-emotioneel gebied ondersteunen. Eén van de randvoorwaarden van het plan is dat scholen, naast cognitieve ontwikkeling en sociale ontwikkeling, ook expliciet aandacht besteden aan de ontwikkeling van executieve functies.

Nu van hogerhand het belang van executieve functies is aangestipt, schieten de discussies erover als paddenstoelen uit de grond. Manon ziet en hoort echter vaak dat op veel scholen uitsluitend aandacht besteed wordt aan executieve functies bij groepen kinderen die hoogbegaafd zijn: ‘Dit is zonde, want niet alleen hoogbegaafde kinderen zijn gebaat bij het ontwikkelen van hun executieve functies.’ Hoog tijd dus om die misvatting voor eens en voor altijd de wereld uit te helpen.

Hoogbegaafd en executieve functies

Ongeveer 2 tot 2,5 procent van de Nederlandse bevolking is hoogbegaafd. Dat zijn ongeveer 400.000 mensen. Iedere ervaren leraar heeft ooit weleens een hoogbegaafd kind in de klas gehad. Deze ervaringsdeskundigen zullen het waarschijnlijk met mij eens zijn dat onderwijs niet per definitie een eitje is voor hoogbegaafde kinderen. Door hun hoge IQ (130 of meer) beheersen ze misschien de lesstof snel en goed, komen ze tot exceptionele resultaten of leggen ze moeiteloos verbanden die aan leeftijdsgenoten voorbij gaan. Helaas gaat hoogbegaafdheid vaak ook gepaard met onzekerheid over het eigen denkvermogen, omdat dat blijkbaar anders is dan dat van anderen. Hierdoor is de kans groter dat hoogbegaafde kinderen zich ‘anders’ voelen, wat weer kan zorgen voor sociaal isolement of gebrek aan motivatie.

Omdat de verschillen tussen diverse vaardigheden van (ervan uitgaande dat het al ontdekt is) hoogbegaafde kinderen meestal heel duidelijk zichtbaar zijn, is het logisch dat er hulpmiddelen worden gezocht om deze kinderen op een verantwoorde en effectieve manier te begeleiden op school. Aandacht besteden aan executieve functies is zo’n belangrijk hulpmiddel. De executieve functie werkgeheugen is bij hoogbegaafde kinderen vaak verder ontwikkeld dan bij leeftijdsgenootjes, maar hoe zit het bijvoorbeeld met de functies emotie-regulatie en reactie-inhibitie? Het ‘anders’ voelen kan zich bij minder goed ontwikkelde emotie-regulatie uiten in onderpresteren. En wanneer reactie-inhibitie niet goed ontwikkeld is, kan bijvoorbeeld opgekropte frustratie flink wat ruzies teweegbrengen. Er zijn veel verhalen bekend waarbij dit op de lange termijn grote gevolgen voor de ontwikkeling en het welbevinden van het kind heeft gehad.

Dus, het is belangrijk om aandacht te besteden aan executieve functies bij hoogbegaafde kinderen. Maar zeker niet uitsluitend bij deze leerlingen..

Minder duidelijk maakt niet minder belangrijk

Dat de verschillen tussen denk- en gedragsvaardigheden bij hoogbegaafde kinderen soms beter zichtbaar zijn, betekent niet dat andere leerlingen niet met dezelfde uitdagingen worstelen. Juist wanneer er aan kinderen met ernstige leerproblematiek, gedragsstoornissen of met een bijzonder hoog of laag IQ extra aandacht wordt geschonken, kan het voorkomen dat de gemiddelde leerling zich niet gehoord of gezien voelt in de klas. Met kwalijke gevolgen van dien.

Dat ‘niet gehoord of gezien voelen’ klinkt wat abstract, dus druk ik het graag voor je uit in cijfers. Wanneer kinderen stress ervaren op school, bijvoorbeeld door prestatiedruk of een te hoog lestempo, en ze daar niet over kunnen praten, laat staan iets aan kunnen veranderen, kan dit ernstige psychische en zelfs fysieke klachten veroorzaken. Zo heeft UNICEF met een onderzoek aangetoond dat schooldruk voor jongeren de afgelopen jaren sterk is toegenomen en 1 op de 4 kinderen het vaakst stress ervaart door school. Schokkend is dat 1 op de 3 scholieren kampt met druk om te voldoen aan verwachtingen van zichzelf of van anderen. En hoe meer druk kinderen ervaren, hoe minder tevreden zij over hun leven zijn. Dit geldt niet alleen voor hoogbegaafde leerlingen, maar zeker ook voor de rest.

Intensief, snel en prestatiegericht

In de maatschappij anno nu leven we onze levens, al vanaf hele jonge leeftijd, intensief, snel en prestatiegericht. De meeste (jonge) kinderen gaan na school naar een sport- of muziekles, een taal- of techniekcursus. Daar draait het niet alleen om plezier maken en ontspannen, maar ook om presteren; een zwarte band halen bij judo of een moeilijk liedje kunnen spelen op de saxofoon. Daarnaast moet het sociale leven ook op volle toeren draaien en op social media zien de jonge mensen wat er allemaal nog meer moet en kan. ‘Nee’ zeggen is er niet bij en tijd om tot rust te komen evenmin.

Met dat in gedachte neem ik je graag mee in twee situaties uit mijn praktijk. Een hoogbegaafd kind en een gemiddelde leerling investeren allebei veel tijd in school, maar leveren niet het gewenste resultaat, zoals het huiswerk op tijd af hebben of een hoog punt halen voor een toets. De reden waarom hoeft dus niet per definitie het IQ van het kind te zijn. Het kan ook liggen aan het tekortschieten van een executieve functie, zoals plannen, flexibiliteit of taakinitiatie. Stel je voor dat door het gesprek aan te gaan en vragen te stellen over executieve functies, deze vaardigheden getraind kunnen worden? Of je misschien meer rust in kunt bouwen door het kind meer regie te geven over de manier waarop hij of zij het huiswerk maakt?

Het typische is dat voor de andere leerling uit het voorbeeld hetzelfde geldt, maar dan andersom. Stel dat de rekensommen te moeilijk zijn voor die leerling en het hem of haar daarom telkens niet lukt om het huiswerk af te maken. Hoe train je doelgericht doorzettingsvermogen dan? Kortom, beide leerlingen zijn gebaat bij het ontwikkelen van dezelfde executieve functie, ongeacht het IQ.

Bewust van eigen talenten en ontwikkelingsgebieden

Een hoog IQ is dus geen garantie voor succes in je (school)loopbaan, net zoals een lager IQ geen garantie is voor een moeizame carrière. Goed ontwikkelde executieve functies zijn daarentegen een veel effectievere graadmeter voor succesvolle ontwikkeling. Daarom pleit ik ervoor om aandacht te schenken aan ieder kind en zijn of haar talenten en ontwikkelingsgebieden, los van welk ‘label’ dan ook.

Deze tekst werd op 9 februari 2021 voor het eerst gepubliceerd op www.primaonderwijs.nl

Door Manon Arts, specialist talentontwikkeling & implementatie bij Authentalent

De onderwijssector staat onder spanning. Het voortdurend lerarentekort, COVID-19 en kritiek op het gebrek aan passend onderwijs slaan leerkrachten en schoolbestuurders dagelijks om de oren. In dat klimaat is het nog lastiger om alle neuzen in de klas dezelfde kant op te krijgen, de lesstof te behandelen én ervoor te zorgen dat ieder kind zich gezien en gehoord voelt. Toch is dat laatste onmiskenbaar belangrijk voor de ontwikkeling van ieder kind; in deze tijd misschien wel belangrijker dan ooit.

Die éne leerkracht

Als ik de vraag stel wie voor jou die speciale leerkracht was, waarbij je jouw ei kwijt kon in je jonge jaren, welke naam schiet je dan te binnen? Welke leerkracht zorgde ervoor dat jij je gehoord en begrepen voelde? Hoe rebels, verlegen, druk of gehoorzaam je als kind ook was, er was er vast wel eentje die jou tot je recht liet komen.

Anderzijds wil ik je deze vraag ook stellen in je rol van leerkracht: welke leerling zal je voor altijd bijblijven? Ik doe een gok. De naam die in je opkomt is die van een aandacht behoeftige leerling, waarbij het je frustreerde om hem of haar niet te kunnen motiveren, begrijpen of geven wat hij of zij nodig had. Zit ik in de buurt?

Een bijzondere mix dus. Hoe word je aan de ene kant de begripvolle leerkracht, die ondanks alles wat er speelt de lol in het leren weet te waarborgen en kinderen in hun kracht zet? En hoe leer je aan de andere kant de leerlingen die je nu niet kunt bereiken mee te krijgen zodat de lessen efficiënter verlopen en resultaten verbeteren?

Executieve functies

De antwoorden op die vragen hebben een gemene deler: de aandacht voor executieve functies. Om ervoor te zorgen dat leraren en leerlingen zich op alle niveaus en leeftijden beter begrepen voelen, kan aandacht schenken aan executieve functies een groot verschil maken. Executieve functies zijn cognitieve processen die nodig zijn om activiteiten aan te sturen en uit te voeren. In totaal zijn er 11 executieve functies, onderverdeeld in gedrags- en denkvaardigheden (Peg Dawson en Richard Guare, 2009).

GedragsvaardighedenDenkvaardigheden
EmotieregulatiePlannen
Reactie-inhibitieTijdmanagement
Volgehouden aandachtWerkgeheugen
TaakinitiatieOrganiseren
Doelgericht doorzettingsvermogenMetacognitie
Flexibiliteit 

Het zal wellicht geen verrassing zijn dat achter afwijkend of extreem gedrag van leerlingen een vraag schuilt. Zo’n hulpvraag ontstaat doordat één of meerdere van de executieve functies niet optimaal gewerkt heeft. Opvallend is echter dat wanneer een leerling een signaal afgeeft waarbij de cognitieve vaardigheden niet optimaal zijn ingezet, zoals “ik heb mijn huiswerk niet gemaakt”, er niet altijd stilgestaan wordt bij de reden erachter. Hebben we simpelweg te maken met lui gedrag, of heeft deze leerling moeite met taakinitiatie, reactie-inhibitie of volgehouden aandacht? Pas wanneer vaker dezelfde signalen gegeven worden door dezelfde leerling lijkt het belang van de vraag achter de hulpvraag te groeien. Het ontwikkelen van de vaardigheden die hieraan ten grondslag liggen zijn echter essentieel om goed denk-, leer- en werkgedrag te kunnen vertonen. Dit is iets wat ieder kind op school van jongs af aan zou moeten leren. Het kind hoort dan ook mede-eigenaar, of zelfs regisseur, te zijn van deze executieve functies.

21st century skill

Maar hoe pak je dat aan met, pak ‘m beet, 25 leerlingen in een klas en op het voortgezet onderwijs ieder lesuur wisselende gezichten? Het herkennen en ontwikkelen van deze vaardigheden bij de leerlingen is dan ook geen 21st century skill van de leerling, maar van de leraar. Een die past bij het onderwijs van nu. Waar de banen van het leren vroeger veel meer rechtlijnig en eentonig waren, zijn onderwijsprofessionals zich nu veel meer bewust van talentontwikkeling. Vanuit mijn ervaring weet ik bovendien dat de wil om meer aandacht aan persoonlijke ontwikkeling te besteden bij veruit de meeste leerkrachten merkbaar aanwezig is. Het zijn zaken als werkdruk, regelgeving en het gebrek aan de juiste middelen die aandacht voor executieve functies beperken.

Het toverwoord is vertrouwen, in de leerling in dit geval. Kinderen kunnen al vanaf jonge leeftijd inschatten hoe zij scoren op executieve functies. En de kunst is om niet stug in te zetten op verbetering van de vaardigheden waar ze slecht op scoren, maar ze evengoed de ruimte te bieden om hun sterke vaardigheden verder te ontwikkelen. En zij staan daarbij aan het roer.

In de praktijk

Als voormalig leerkracht in het basisonderwijs kan ik je verzekeren dat hoe jonger kinderen hun vaardigheden leren ontwikkelen in hun eigen tempo, hoe makkelijker ze dit proces kunnen voortzetten op latere leeftijd. Het helpt om vanaf de kleuterklas executieve functies al te erkennen. Vragen als “Hoe voel je je? Wat maakt je boos? Hoe komt het dat je werk vandaag niet af is? Hoe heb je het aangepakt?” laten kinderen reflecteren op waar ze tegenaan lopen in hun leerweg. Niet alleen op praktisch niveau, maar ook op cognitief niveau. Als leraar kun je begrijpen wat de crux is en ontdekken of de leerling zijn zwakke en sterke executieve functies al kan ontdekken.

Zulke reflectievragen hoeven niet altijd gesteld te worden in de hitte van de strijd. Zeker bij oudere leerlingen leent een kringgesprek zich hier goed voor: gooi de vraag eens in de groep wie goed is in plannen of prioriteren. Geef ze de optie om hun hand op te steken bij ‘goed’, ‘een beetje’ of ‘niet goed’. Erkenning geven aan het feit dat kinderen uit durven te komen voor wat ze wel en niet goed kunnen zorgt voor verbinding en vertrouwen. Bovendien is het een mooi aanknopingspunt voor motiverende vervolgvragen. Waar wíl de leerling aan werken? Hoe gaan we dit samen aanpakken? En kan een andere leerling daar misschien bij helpen?

Regie bij de leerling

Het klinkt misschien twijfelachtig of zelfs onhaalbaar voor leerkrachten om de regie bij de leerling te leggen. Van oudsher is het ondenkbaar om kinderen te laten bepalen waar zij aan willen werken. Het verschil is dat we nu aardig op weg zijn naar een onderwijssysteem – en samenleving – waarbij zelfredzaamheid en talentontwikkeling onmisbare vaardigheden geworden zijn. Wanneer je een leerling laat kiezen waar hij of zij aan wil werken, zul je zien dat de motivatie om te leren ook vele malen groter is. In eerste instantie zal de leerling wellicht een executieve functie willen doorontwikkelen die hij of zij al goed beheerst, bijvoorbeeld door andere leerlingen met dezelfde vaardigheid te helpen. Dat is veilig en daarom minder spannend. Als dit goed gaat, groeit het vertrouwen van de leerling om aan executieve functies te werken waar hij of zij minder hoog op scoort. Het zal je verbazen hoe goed leerlingen, zeker op het voortgezet onderwijs, uitdagende, maar wel haalbare doelen voor zichzelf kunnen stellen.

Waar haal je de tijd vandaan?

Natuurlijk moet schooltijd vakinhoudelijk besteed worden. Het bijzondere is echter dat leraren die het gesprek aan durven gaan met hun leerlingen over de executieve functies, ook vakinhoudelijk betere resultaten kunnen boeken. De leerlingen voelen zich gehoord en begrepen, en ervaren meer controle over hun eigen leerproces en -tempo.

Door in het begin van de les klassikaal vijf minuten te besteden aan executieve functies creëer je een klimaat in de klas waarin je van elkaar mag leren en ieder zijn eigen doel mag hebben. Het is een marathon, geen sprint, dus het gesprek hierover mag – nee, moet! – voort blijven duren. Op de middelbare school leent het mentor- of studielesuur zich hier goed voor. Op steeds meer scholen vinden nu ook regelmatig individuele coachgesprekken plaats tussen mentor en leerling. Dit is een perfect moment om aandacht te besteden aan te ontwikkelen vaardigheden en de daaronder liggende executieve functies.

Heb vertrouwen

Om verbinding te creëren tussen jou als leerkracht en je leerlingen is vertrouwen in hen cruciaal. Iedere leraar geniet van een betrokken, gemotiveerde klas. Aandacht besteden aan executieve functies helpt hier


Inmiddels zijn we een aantal weken op weg in een tijd waarin alles anders is door het coronavirus. Dit geldt zowel in de thuissituatie als op het werk. De veranderingen zijn urgent en op wereldniveau. Veel mensen belanden vanuit de comfortzone in de paniek/stresszone. Dit uit zich bij iedereen op een andere manier. De één staat letterlijk stil (bevriest), de ander kijkt het liefst een andere kant op (vlucht) en weer een ander maakt ruzie over hoe nu verder(vecht). Het belangrijkste is om de emoties bij dit gedrag te herkennen, te benoemen om het vervolgens te accepteren en te uiten. Op die manier geef je het een plekje en kun je in de leerzone komen wat nodig is om goede keuzes te maken bij de nieuwe verhoudingen en andere doelen die gesteld worden. Bij iedereen is het verschillend hoe snel je van de paniek naar de leerzone komt.
Ook feedback onderling is daarbij helpend. Zie feedback als een cadeautje dan kun je zelf kiezen wat je ermee doet. Door vragen te stellen zoals “Wat is er gelukt?” (taak feedback), “Hoe heb je het aangepakt?”(procesfeedback) of “Wat was jouw rol in deze situatie?”(zelfregulerende feedback), zorg je voor bewustwording bij elkaar. Hierdoor kom je in ontwikkeling en kun je elkaars talenten benutten en samenwerken.
Er is een extra rol voor de leidinggevende in deze tijd. Deze zorgt voor duidelijkheid en kaders en sluit bij iedere medewerker zoveel mogelijk aan bij de behoefte en verantwoordelijkheid die hij aan kan (situationeel leiderschap). Een team gaat dan weer van sturen naar steunen-begeleiden en delegeren. Ook hier is het pad van iedere medewerker anders.
Wanneer je op deze manier binnen een organisatie met elkaar omgaat, krijg je in deze tijd een lerende organisatie die kansen ziet, innovatief is, samenwerkt en dezelfde doelen heeft. Iedere medewerker is authentiek en wordt ingezet op de talenten die hij heeft.

Hoe zorg je dat je nu en in de toekomst leert van deze periode?

Heb je daarover nog hulpvragen of begeleiding nodig dan steun ik graag. Bel of mail je vraag. Graag tot ziens!

Manon Arts,

manon@authentalent.nl of 06-40404944

Een tent is eenvoudig en flexibel: je zet hem op waar je wil, pakt klein en snel weer in. De stokken verbinden en zorgen voor kaders. Met de haringen veranker je hem aan de grond.

Het doek zorgt voor bescherming, toch kun je makkelijk van binnen naar buiten en andersom. Je kunt alles volgen van binnen en buiten.

Bij extreme weersomstandigheden gaat de tent kapot, de stokken begeven het en het doek scheurt.

Hoe ga je daarmee om? Schuilen bij een ander?

Uiteindelijk ga je door en verbeter je je tent met steviger tentdoek, dikkere stokken die steviger verbonden zijn en zorg je voor meer haringen om te verankeren. Wie weet gebruik je ook nog meer scheerlijnen. Of heb je andere, nieuwe ideeën.

Bij de volgende storm lig je in je tent rustig te luisteren en kijken. Je loopt een keer bewust om je tent heen om te kijken of alles goed gaat en doet kleine aanpassingen waar nodig. Uiteindelijk gaat de storm liggen…..

Als laatste stap leer je om je te verplaatsen in andermans tenten vanuit een nieuwsgierige houding waardoor er meer begrip ontstaat.

Graag lok ik je uit je tent.

Wil je ook een keer uit je tent gelokt worden? Graag ga ik het gesprek aan.

De kennis en vaardigheden die bij Authentalent binnenin zit, zorgt dat er bij een individu, groep of organisatie van binnenuit een bewuste ontwikkeling plaatsvindt die aan de buitenkant duidelijk zichtbaar is.
De  driehoek is het symbool voor het driehoeksgesprek en om zaken vanuit meerdere perspectieven bekijken.

De teamtraining bestaat uit drie bijeenkomsten van 2 uur en er wordt in overleg met de organisatie altijd maatwerk geboden. Training 1 is mijn tent, training 2 is allerlei tenten en training 3 is de flexibele tent. Er wordt theorie met praktijk verbonden. Denken-voelen-doen komen samen in iedere training. Graag ga ik het gesprek aan.

Werkdruk verlagen en tegelijk werken aan toekomst gericht onderwijs. Dat kan met ‘ organisatie in balans’.

Op een druilerige dag in maart gaan we in gesprek. Andere woorden, andere regelgeving en andere uitvoering. Toch spreken we dezelfde taal: passie voor gepersonaliseerd onderwijs.

Hoe leren kinderen zichzelf kennen en hun plekje in de maatschappij vinden? Hoe komen kinderen tot leren? Waar start het mee? Wij weten het wel.

Annelies start een nieuwe school (www.ligo.school) en Manon (www.authentalent.nl) begeleidt bestaande scholen om stappen hierin  te zetten. Stapje voor stapje betekenisvol zijn. #kansen# out-of-the-box#verbinden#geen grenzen


Uit onderzoek blijkt dat werkdruk onder andere ontstaat door het gevoel te hebben er alleen voor te staan.

Fullan en Hargreaves zeggen: “Verbetering van het onderwijs in een land als Nederland, waar het onderwijs relatief goed is, hangt vooral samen met de mate waarin leraren echt samen hun schouders zetten onder een collectieve ambitie.” Dit noemen ze ontwikkeling van professioneel kapitaal. #groeimindset#